Het lijkt zo leuk, je kat een keer een nestje laten krijgen. Maar door je kat kittens te laten krijgen werk je wel mee aan de overpopulatie aan katten in Nederland. We hebben in Nederland namelijk veel katten, heel veel katten zelfs. Naast de katten met eigenaar (2,6 miljoen in 2014) is er ook nog een groot aantal zwerfkatten. Zwerfkatten zijn (in)direct het gevolg van huiskatten die door onverantwoord huisdierbezit op straat belanden. Het totaal hiervan is moeilijk te achterhalen, maar wordt geschat op 135.000 tot 1.200.000 zwerfkatten. De asielen zitten ieder jaar halverwege het voorjaar alweer overvol met (zwerf)kittens, gedumpte kittens en volwassen (zwerf)katten en luiden ieder jaar weer de noodklok. Wist je dat een ongecastreerde poes al rond een leeftijd van circa zes maanden vruchtbaar kan zijn en wel drie keer per jaar een nestje kan krijgen? En de aantallen kittens die je ongecastreerde kater kan verwekken zijn helemaal groot. Denk ook aan al die ongecastreerde zwerfpoezen, die je kater kan bevruchten, waardoor die populatie zwerfkatten nog verder groeit! Laat je huiskat daarom castreren voor je deze voor het eerst naar buiten laat en help mee de overpopulatie van katten te verminderen. Naast het feit dat je dan een bijdrage levert aan het verminderen van de aantallen katten in Nederland zijn er nog meer voordelen.

Voordelen van castratie

Overlast verminderen: Als poezen eenmaal seksueel volwassen zijn zullen ze een groot deel van het jaar om de paar weken krols worden. Dit gaat gepaard met veel geluidsoverlast. De poes laat over het algemeen luidkeels horen dat ze krols is. Ongecastreerde poezen in een gebied trekken weer ongecastreerde katers aan. Die leggen grote afstanden af op zoek naar krolse poezen, waarbij ze vechten met elkaar en met andere katten die ze tegenkomen. Ook dat gaat met veel geluidsoverlast gepaard. Daarnaast sproeien ongecastreerde katers veelvuldig met sterk ruikende urine en zelfs de poes kan  tijdens de krolsheid gaan sproeien, ook binnenshuis.

Gezondheid en welzijn verhogen: Zowel poezen als hun nakomelingen profiteren van tijdig castreren. Het vechten van ongecastreerde katers geeft een groter risico op besmetting van andere katten met ziektes zoals FIV en FeLV, die beide overgedragen kunnen worden door kattenbeten. Ze hebben ook een grote kans op verwondingen, zoals abcessen, als gevolg van het vechten. Ongecastreerde katers zullen door hun zwerfgedrag en grote afstanden die ze afleggen sneller niet meer thuis komen. Ze kunnen ook binnenshuis sproeien en agressief zijn naar de eigenaren. Omdat de katers over zo’n groot gebied zwerven is er verder een grotere kans dat ze aangereden worden in het verkeer. Onderzoek van Kalz liet zien dat gecastreerde katers in betere gezondheid verkeren en gemiddeld ouder worden dan ongecastreerde. Ongecastreerde poezen hebben een groter risico op het ontwikkelen van baarmoederontsteking en melkkliertumoren, die bij katten vrijwel altijd kwaadaardig zijn. Daarnaast kunnen ze tijdens de dekking besmet worden met ziektes die de kater draagt, bijvoorbeeld FIV. Daarnaast kunnen poezen, die zelf lijden aan een infectieziekte deze doorgeven aan hun kittens. Ook de zwangerschap en bevalling zelf zijn niet zonder risico. Een deel van de geboren kittens zal ongewenst zijn of in het geval van zwerfkatten buiten geboren worden. Ze krijgen niet de zorg die ze nodig hebben, worden niet gevaccineerd, ontvlooid of ontwormd en zullen waarschijnlijk al snel lijden aan infectieziektes, zoals niesziekte of erger. Worden ze buiten geboren en niet tijdig gevonden, dan zullen ze ook veel stress ervaren in de nabijheid van mensen en eigenlijk niet meer geschikt zijn voor een leven bij mensen thuis.

Vogels beschermen: Gecastreerde katten blijven dichter bij huis en brengen daardoor waarschijnlijk minder schade toe aan de vogelstand. Moederpoezen met kittens zullen juist meer actief jagen en moeten als ze niet gevoerd worden meer prooien vangen om hun kittens te voeden. Ongecastreerde katers, die ver van huis zwerven, zijn ook niet bevorderlijk voor het rustig broeden van o.a. weidevogels.

Castratie liever vroeg dan laat

Zowel katers als poezen worden over het algemeen gecastreerd op een leeftijd van zes maanden of ouder. Katten zijn dan vaak al seksueel volwassen geworden en het aanhouden van een minimale leeftijd van zes maanden is nooit wetenschappelijk onderbouwd. Als je geen raskat hebt, waarmee je op een verantwoorde manier wilt gaan fokken, dan is het advies de kat te laten castreren vóór deze seksueel volwassen wordt en bij poezen voor de eerste krolsheid. International Cat Care adviseert daarom zowel poezen als katers rond de leeftijd van vier maanden te castreren.

In tegenstelling tot wat soms gesuggereerd wordt is het poezen de mogelijkheid geven een keer een nestje te krijgen totaal onnodig en heeft geen enkel voordeel voor de poes.

Castratie of de poezenpil?

De poezenpil om krolsheid bij poezen te onderdrukken, heeft een aanzienlijk risico op bijwerkingen en is dan ook niet aan te bevelen voor lange termijn gebruik. Ook kan de poes vlak voor ze opnieuw de pil moet krijgen toch krols en zwanger worden, met mogelijke complicaties tijdens zwangerschap en bevalling tot gevolg. Castratie zorgt dat er geen krolsheden meer optreden, geen kans is op ongeplande zwangerschap en voorkomt ziektes van de geslachtsorganen, zoals baarmoederontsteking.

Wat houdt castratie in?

Castratie is een ingreep onder volledige anesthesie. De kat mag daarom vanaf de avond voor de operatie niet meer eten om mogelijke complicaties tijdens de narcose te minimaliseren.
Bij de poes worden de ovaria door een incisie in de buik of flank van de kat verwijderd. De wond wordt vervolgens gehecht. Als er uitwendige hechtingen zijn, zullen deze na circa 10 dagen verwijderd moeten worden. Bij de kater worden beide testikels verwijderd door één of twee kleine incisies in het scrotum. De sneetjes in de huid voor castratie van een kater zijn zo klein dat over het algemeen hechtingen niet nodig zijn. Gewoonlijk mag de kat dezelfde dag weer naar huis.

Zorg na de operatie

Katten herstellen gewoonlijk opmerkelijk snel na een castratie. Ze kunnen de eerste uren wat slaperig zijn, maar de volgende dag zijn ze vaak alweer heel levendig. Ook al lijkt je kat de oude, het is toch verstandig je kat de eerste dagen na de ingreep wat rustiger te houden om de interne wonden de tijd te geven te herstellen. Vroeger werd dit bereikt door de kat geen pijnstilling te geven. Deze methode is echter volledig achterhaald en absoluut niet diervriendelijk. Je kat zal sneller herstellen als hij geen pijn heeft, dus pijnstilling is echt noodzakelijk, helemaal bij de poes, die immers een buikwond heeft. Is je kat na de ingreep ongewoon rustig of sloom, neem dan contact op met je dierenarts. Doe dit ook als je kat excessief gaat likken of krabben aan de huid en hechtingen. Je dierenarts kan je dan een hulpmiddel, zoals een Medical Pet Shirt, kap of kraag meegeven om schade aan de wond te voorkomen. Het is belangrijk eraan te denken dat een kat, als deze eenmaal gecastreerd is, een grotere kans op overgewicht heeft. Het kan dus nodig zijn de hoeveelheid voer aan te passen als je kat na de castratie zwaarder wordt.

Toch een keer genieten van opgroeiende kittens?

Wil je toch heel graag een keer genieten van opgroeiende kittens? Kijk dan eens bij asielen en andere opvangen bij je in de omgeving. Er worden regelmatig zwangere poezen en net bevallen poezen binnengebracht bij opvangorganisaties. Omdat het opgroeien in een huiselijke situatie essentieel is voor de ontwikkeling tot een prettige huiskat, worden deze bij een gastgezin geplaatst tot de kittens groot genoeg zijn om uit te vliegen. Meld je je hiervoor aan dan kun je toch een of meerdere keren het opgroeien van kittens meemaken, met als voordeel dat de opvangorganisaties je graag met raad en daad bijstaan als er iets niet goed gaat.

Maggie Ruitenberg, kattengedragsdeskundige

Bronartikel

Dit artikel is met toestemming van International Cat Care vertaald. Ter aanvulling zijn cijfers voor de situatie in Nederland toegevoegd. Klik hier voor het originele artikel (Engels).

Referenties