Toxoplasmose

Toxoplasmose is één van de bekendste aandoeningen die van kat op mens overgedragen kan worden, maar er zijn veel misverstanden over deze ziekte en over de rol die de kat speelt in het veroorzaken van klachten bij de mens.

Bijna elk warmbloedig dier kan worden geïnfecteerd met Toxoplasma gondii, de ziekteverwekker die toxoplasmose veroorzaakt, maar enkel bij de kat kan deze parasiet een volledige levenscyclus doorlopen. Hoewel katten dus wel zeer belangrijk zijn in de levenscyclus en verspreiding van T. gondii, worden infecties vaak niet veroorzaakt door de aanwezigheid van een kat, maar door het eten van onvoldoende verhit vlees waar de parasiet in zit.

Wat is toxoplasmose?

Toxoplasmose wordt veroorzaakt door Toxoplasma gondii, een eencellige parasiet. Deze parasiet is wijdverspreid aanwezig. Gemiddeld is 20 tot 60% van de kattenpopulatie geïnfecteerd, afhankelijk van de levensstijl van de kat. Er wordt geschat dat wereldwijd meer dan 500 miljoen mensen besmet zijn.  Deze infectie veroorzaakt echter zelden klachten bij mens of dier.

Toxoplasmose bij mensen
Infectie met T. gondii veroorzaakt bij de meeste mensen geen symptomen of enkel wat griepachtige klachten. Mensen die een verlaagde weerstand hebben lopen echter een verhoogd risico. Het gaat hierbij om baby’s en jonge kinderen (inclusief ongeboren kinderen), zwangere vrouwen, oude mensen en mensen met een onderdrukt immuunsysteem. Het immuunsysteem kan bijvoorbeeld onderdrukt zijn bij mensen die chemotherapie krijgen of een orgaantransplantatie hebben ondergaan, maar ook bij aidspatiënten. Bij al deze mensen kunnen wel erge symptomen optreden zoals encefalitis (hersenontsteking), abortus, aangeboren afwijkingen en andere problemen in het zenuwstelsel of in de ogen.

Zwangere vrouwen en toxoplasmose

Als een zwangere vrouw tijdens haar zwangerschap wordt besmet met T. gondii is er een risico dat het ongeboren kind ook wordt geïnfecteerd. Dit gebeurt in 20-50% van de besmettingen. Meestal treden er ook dan geen symptomen op, maar in een klein aantal patiënten kan infectie leiden tot abortus, aangeboren afwijkingen, neurologische problemen of aantasting van de ogen. Dit kan echter alleen als een vrouw tijdens haar zwangerschap voor de eerste keer wordt besmet met T. gondii.

Toxoplasmose bij katten
Toxoplasmose veroorzaakt zelden symptomen bij katten. Een enkele keer kunnen de volgende klachten optreden:

  • Koorts, verlies van eetlust, gewichtsverlies, sloomheid
  • Longontsteking
  • Ontstekingen in het oog
  • Leverontsteking en geelzucht
  • Neurologische symptomen (trillen, epileptische aanvallen)
  • Zeer zelden: vergroting lymfeknopen, braken en diarree, spierpijn

Infectie van een drachtige kat kan leiden tot abortus, geboorte van dode kittens of sterfte van kittens vlak na de geboorte, maar dit is zeer zeldzaam. 

Levenscyclus van T. gondii  en besmettingswegen

T. gondii heeft een complexe levenscyclus waarbij gebruik wordt gemaakt van twee soorten gastheren: de eindgastheer (de kat) en de tijdelijke gastheer (andere zoogdieren, inclusief de mens).

Overzicht levenscyclus van Toxoplasma gondii

Overzicht levenscyclus van Toxoplasma gondii

Eindgastheer
De kat is de eindgastheer van T. gondii. Dat betekent dat dit het enige dier is waarin de vermenigvuldiging van deze parasiet voltooid kan worden. In de kat produceert T. gondii oöcysten (eieren), die worden uitgescheiden in de ontlasting van de kat.

De meeste katten worden geïnfecteerd door het eten van vlees dat besmet is met cysten van T. gondii. Dit kan worden veroorzaakt door het voeren van rauw of onvoldoende verhit vlees, maar de meeste besmettingen ontstaan door cysten in prooidieren (zoals de muis). Enkele dagen nadat de kat voor de eerste keer deze darminfectie heeft opgelopen, begint de kat met het uitscheiden van miljoenen oöcysten in de ontlasting. Vaak duurt dit maximaal 14 dagen. Het afweersysteem van de kat stopt dan de verdere productie van oöcysten en hoewel T. gondii in het lichaam van de kat aanwezig blijft, vindt er maar zelden opnieuw uitscheiding van oöcysten plaats.

Overzicht levenscyclus van Toxoplasma gondii bij de eindgastheer (de kat)

Overzicht levenscyclus van Toxoplasma gondii bij de eindgastheer (de kat)

Tegelijkertijd met de darminfectie verspreidt T. gondii zich ook door de rest van het lichaam. Dit gebeurt door middel van tachyzoieten, een snel delende vorm van het organisme. Bij het optreden van een effectieve afweerrespons stopt deze deling en transformeren de tachyzoieten in bradyzoieten, die in weefselcysten ‘verborgen’ blijven voor het afweersysteem. Deze weefselcysten bevinden zich meestal in de spieren van de kat. In het zeldzame geval dat de afweerrespons onvoldoende is, zorgt de blijvende deling van tachyzoieten voor ontstekingen en klinische symptomen.Tijdelijke gastheer
Andere zoogdieren, inclusief de mens, fungeren als tijdelijke gastheer voor T. gondii. Tijdelijke gastheren kunnen worden besmet met T. gondii, maar zullen nooit oöcysten produceren. De parasiet kan in de tijdelijke gastheer dus geen volledige cyclus doorlopen en heeft daarmee een eindstadium bereikt.

De tijdelijke gastheer kan worden besmet door:

  • Het inslikken van oöcysten uit kattenontlasting. Net uitgescheiden oöcysten zijn niet direct infectieus. Hiervoor moeten de oöcysten eerst verder ontwikkelen (sporulatie). Dit duurt gemiddeld één tot vijf dagen.  Oöcysten zijn zeer resistent tegen invloeden van buitenaf en kunnen in de grond of in het water 18 maanden lang of soms zelfs langer overleven. Besmetting vindt meestal plaats door contact met besmette grond of door het eten van verontreinigd fruit en groente.
  • Het inslikken van weefselcysten van andere dieren. Mensen kunnen bijvoorbeeld worden besmet door het eten van rauw of onvoldoende verhit vlees dat T. gondii weefselcysten bevat. Vers vlees is het meest riskant. Als vlees een aantal dagen wordt bevroren, worden de meeste weefselcysten gedood.
Overzicht levenscyclus van Toxoplasma gondii bij een tijdelijke gastheer

Overzicht levenscyclus van Toxoplasma gondii bij een tijdelijke gastheer

Bij infectie van een tijdelijke gastheer verspreidt de infectie zich door het lichaam als tachyzoieten en leidt de afweerrespons van de gastheer tot de vorming van weefselcysten met bradyzoieten, net als bij de kat.  Onvoldoende afweer tegen de infectie zorgt ook hier voor klinische symptomen. Dit gebeurt echter zelden.

Verminderen van besmettingsrisico

Hoewel het risico op transmissie van T. gondii van een kat naar zijn eigenaar zeer klein is, zijn er een aantal maatregelen die genomen kunnen worden om het risico nog verder te verkleinen:

  • Laat mensen die een verhoogd risico lopen op besmetting (zwangere vrouwen, mensen met een onderdrukt afweersysteem en jonge kinderen) niet in contact komen met de kattenbak.
  •  Leeg dagelijks de kattenbak zodat oöcysten niet de kans krijgen infectieus te worden.
  • Draag handschoenen bij het schoonmaken van de kattenbak en was daarna de handen.
  • Maak de kattenbak regelmatig schoon met heet water en zeep.
  • Dek zandbakken voor kinderen af als ze niet in gebruik zijn.
  • Voer je kat alleen verhit vlees of commercieel kattenvoer.
  • Draag handschoenen tijdens het tuinieren en was daarna de handen.
  • Was goed de handen na het bereiden van eten.
  • Was fruit en groenten voor consumptie.
  • Was alle materialen gebruikt bij het bereiden van eten met heet water en zeep.
  • Verhit rauw vlees voldoende.
  • Vries vlees drie dagen in bij -12C tot -20C.
  • Kook of filter het leidingwater indien dit niet drinkbaar is.

Gebleken is dat contact met katten of het hebben van een kat geen verhoogd risico geeft op een T. gondii infectie. Het risico op een infectie door T. gondii via de kat is zeer klein, met uitzondering van jonge kinderen die op/met verontreinigde grond spelen.

Sanne van Aerts, dierenarts gezelschapsdieren

Referentie

Dit artikel is met toestemming van International Cat Care vertaald en samengevat. Klik hier voor het volledige artikel (Engels).

Reageren is niet mogelijk